Gratis proefles
Luisteren naar signalen
Herken drie geluidssignalen en test jezelf met vier vragen.
De theorie
Lees de onderdelen in volgorde. Open een onderdeel om verder te lezen.
Wat leer je?
Na deze les kun je korte, lange en zeer korte stoten onderscheiden, de belangrijkste algemene seinen herkennen en uitleggen welke seinen een klein schip moet of mag geven. Je leert ook waarom een geluidssein geen toestemming is om zonder verdere beoordeling te manoeuvreren.
1. Luister eerst naar het ritme
Een geluidssein bestaat uit een afgesproken patroon. Tel de stoten en luister naar hun duur. Alleen de toonhoogte vertelt je de betekenis niet.
| Onderdeel | Duur volgens het BPR |
|---|---|
| Korte stoot | Ongeveer 1 seconde |
| Lange stoot | Ongeveer 4 seconden |
| Pauze tussen gewone opeenvolgende stoten | Ongeveer 1 seconde |
| Zeer korte stoot in een reeks | Ongeveer een kwart seconde |
| Reeks zeer korte stoten | Minstens 6 stoten, met telkens ongeveer een kwart seconde ertussen |
| Reeks klokslagen | Ongeveer 4 seconden |
Een reeks zeer korte stoten is dus iets anders dan vier gewone korte stoten. Leer het ritme samen met de betekenis.
2. De algemene seinen herkennen
| Patroon | Betekenis | Waar let je op? |
|---|---|---|
| Eén lange stoot | Attentie | Aandacht gevraagd; beoordeel de situatie. |
| Eén korte stoot | Ik ga stuurboord uit | Stuurboord van het schip dat het sein geeft. |
| Twee korte stoten | Ik ga bakboord uit | Bakboord van het schip dat het sein geeft. |
| Drie korte stoten | Ik sla achteruit | Dit zegt niet dat het schip al achteruit beweegt. |
| Vier korte stoten | Ik kan niet manoeuvreren | Verwacht niet dat het schip gewoon kan uitwijken. |
| Een reeks zeer korte stoten | Gevaar voor aanvaring | Reageer op het gevaar; alleen terugseinen lost het niet op. |
| Herhaalde lange stoten of reeksen klokslagen | Nood: hulp wordt ingeroepen | Onderscheid dit van één attentiesein. |
| Vier korte stoten, gevolgd door één lange | Verzoek om medische hulp | Luister de reeks af; de laatste lange stoot verandert de betekenis. |
| Lang, kort, lang | Verzoek tot bediening van een beweegbare brug of sluis | Het verzoek geeft nog geen toestemming om door te varen. |
De eerste zes patronen en het bedieningsverzoek zijn ook weergegeven in de brochure Europese binnenwateren van Varen doe je Samen! De wettelijke basis is BPR bijlage 6, met 3.30 lid 3, 4.01 lid 4, 6.26 en 6.28 voor de genoemde bijzondere toepassingen. De betekenis hangt mede van de omstandigheden af: één lange stoot komt bijvoorbeeld ook voor als mistsein.
Voorbeeld. Je hoort drie korte stoten van een tegemoetkomend motorschip. Dat schip slaat achteruit. Het kan door zijn bestaande vaart nog steeds vooruit bewegen. Houd rekening met zijn beweging en de beschikbare ruimte; trek niet de conclusie dat de doorgang onmiddellijk vrij is.
3. Wat doe je zelf op een klein schip?
Voor een klein schip maakt het BPR drie groepen:
| Groep | Regel voor een klein schip |
|---|---|
| Attentie, niet kunnen manoeuvreren en nood | Zo nodig geven in de daarvoor bedoelde omstandigheden. |
| Overige algemene seinen van afdeling A en mistsein van afdeling G | Zo nodig toegestaan. |
| Bijzondere manoeuvreerseinen van afdelingen B, C, D en E | Niet geven. |
De laatste groep gaat over bijzondere seinen bij ontmoeten, voorbijlopen, keren en het in- en uitvaren van havens of nevenvaarwateren. Het verbod betekent niet dat een klein schip nooit één of twee korte stoten mag geven. Die algemene seinen staan in afdeling A en vallen in de toegestane groep. Herkenning van het gedrag van grote schepen blijft nodig; de betrokken verkeerssituaties volgen in de manoeuvreerlessen.
Gebruik de hoorn voor de geregelde seinen in de bijbehorende omstandigheden. Geef geen officieel gevaar- of noodsein als begroeting of oefening in het verkeer.
4. Waar komt het geluid vandaan?
Een groot motorschip geeft de bedoelde seinen met een mechanisch werkende geluidsinstallatie. Die staat voldoende hoog, vrij naar voren en waar mogelijk ook naar achteren. Een groot schip dat geen motorschip is en een klein motorschip kunnen volgens 4.01 lid 1 ook een geschikte scheepstoeter of hoorn gebruiken.
Volgens de algemene BPR-regel toont een groot motorschip gelijktijdig een geel, helder rondomlicht. De uitzondering binnen deze bepaling betreft klokslagen. Het gele licht helpt je het sein aan het juiste schip te koppelen. Het is geen vrije-doorgangsteken.
5. Brug, sluis en slecht zicht
Voor brug- of sluisbediening kun je het daarvoor bedoelde lang–kort–lang geven. De genoemde bepalingen noemen ook roepen. Gebruik bij marifooncontact het daarvoor aangewezen kanaal. Je mag het geluidssein niet herhalen zodra de bevoegde autoriteit heeft laten weten dat zij het heeft gehoord; dit geldt zowel bij de brug als bij de sluis. Blijf de doorvaartlichten en aanwijzingen volgen. De volledige passagebeoordeling vind je in de les ‘Door bruggen en sluizen’.
Bij slecht zicht gelden aanvullende regels. Een niet op radar varend klein schip mag het mistsein van één lange stoot geven en herhalen; 6.33 lid 3 maakt dit voor dat kleine schip niet verplicht. Voor de schepen waarop de algemene verplichting van lid 1a van toepassing is, geldt herhaling met tussenpozen van ten hoogste één minuut. Maak van die verplichting dus geen algemene regel voor elk klein schip. Een mistsein maakt doorvaren op zichzelf niet verantwoord of toegestaan. De verdere beoordeling van slecht zicht vind je in de les ‘Handelen wanneer het zicht afneemt’.
6. Als je het blijf-wegsein hoort
Het blijf-wegsein bestaat uit één korte stoot, gevolgd door één lange stoot. Het schip dat dit sein moet geven, herhaalt dit patroon volgens artikel 4.04 ononderbroken gedurende ten minste 15 minuten. Het hoort bij het in 4.04 beschreven incident met gevaarlijke stoffen; het is geen gewoon verzoek om wat meer ruimte. Het gedrag van wie dit sein hoort valt onder 6.19, dat in de CBR-afbakening is opgenomen.
Houd je zo ver mogelijk van het gevaarsgebied verwijderd en keer zo nodig als je ernaartoe vaart. Ben je het gebied al gepasseerd, vervolg dan je weg met een zo groot mogelijke snelheid; houd bij je handelen rekening met de situatie, stroom en wind. Sluit ramen en andere openingen naar buiten, doof open vuur en onbeschermd licht, stop met roken en voorkom vonken. Zet niet-noodzakelijke hulpmotoren af. Bij ligplaats nemen worden ook de nog werkende motoren afgezet. Voor stilliggende schepen dichtbij het gevaar geldt eveneens de bescherming uit lid 2; verlaat het schip zo nodig. Licht waar mogelijk onmiddellijk de dichtstbijzijnde bevoegde autoriteit in. Dit geldt ook als het sein van de wal komt.
Bij het geluidsvoorbeeld: je hoort twee herhalingen van kort–lang om het patroon te leren herkennen. Dit verkorte leervoorbeeld is niet de volledige voorgeschreven seinreeks.
Drie voorbeelden, stap voor stap
Begin met een korte stoot, vergelijk die met een lange stoot en luister daarna naar een samengesteld sein. Bij elk voorbeeld lees je wat het betekent en waar je in de praktijk op let.
Volg de tijdlijn tijdens het luisteren: een kort blok is een korte stoot, een lang blok een lange stoot. De ruimte ertussen is stilte.
1. Eén korte stoot · koerswijziging
- Wat hoor je?
- Je hoort één stoot van ongeveer één seconde.
- Wat betekent het?
- Als algemeen sein betekent dit: ik ga stuurboord uit.
- Wat doe je ermee?
- Kijk vanuit het schip dat het sein geeft. Zijn stuurboord is niet automatisch jouw stuurboord. Volg ook de beweging van het schip.
2. Eén lange stoot · aandacht
- Wat hoor je?
- Je hoort één stoot van ongeveer vier seconden.
- Wat betekent het?
- Als algemeen sein betekent dit: attentie.
- Wat doe je ermee?
- Zoek waar het sein vandaan komt en beoordeel de situatie. Eén lange stoot kan bij slecht zicht ook een mistsein zijn; de omstandigheden tellen mee.
3. Lang–kort–lang · brug of sluis
- Wat hoor je?
- Je hoort een lange stoot, een korte stoot en opnieuw een lange stoot.
- Wat betekent het?
- Dit is een verzoek om bediening van een beweegbare brug of sluis.
- Wat doe je ermee?
- Het verzoek geeft geen toestemming om door te varen. Blijf de doorvaartlichten en aanwijzingen volgen.
Meer geluidsvoorbeelden
Wil je de overige seinen uit de theorie ook beluisteren? Hieronder vind je de zes aanvullende voorbeelden.
Twee korte stoten
Drie korte stoten
Vier korte stoten
Gevaar: zes zeer korte stoten
Medische hulp: vier kort + één lang
Blijf-wegsein: kort + lang
De opnamen zijn leervoorbeelden. Beoordeel op het water altijd het volledige sein en de situatie.
Verder naar de vragen →Test je begrip
Beantwoord vier korte vragen. Je ziet meteen het juiste antwoord en de uitleg.
0 van 4 vragen gecontroleerd
Uitleg
Een korte stoot duurt ongeveer één seconde, een lange ongeveer vier seconden. De gewone tussenruimte is ongeveer één seconde. [BPR 1.01 C7]
Bekijk antwoord en uitleg
Ongeveer 1 seconde en 4 seconden
Een korte stoot duurt ongeveer één seconde, een lange ongeveer vier seconden. De gewone tussenruimte is ongeveer één seconde. [BPR 1.01 C7]
Uitleg
Stuurboord hoort bij het schip dat het sein geeft. De kijkrichting van de waarnemer verandert die betekenis niet. [BPR bijlage 6 A; VDJS Europese binnenwateren p. 9]
Bekijk antwoord en uitleg
Ik ga stuurboord uit, gezien vanuit mijn eigen schip
Stuurboord hoort bij het schip dat het sein geeft. De kijkrichting van de waarnemer verandert die betekenis niet. [BPR bijlage 6 A; VDJS Europese binnenwateren p. 9]
Uitleg
Het sein is een bedieningsverzoek. Het heft het verbod of de voorwaarden voor doorvaren niet op. [BPR 6.26; bijlage 6 A]
Bekijk antwoord en uitleg
Nee, je blijft de geldende doorvaartlichten en aanwijzingen volgen
Het sein is een bedieningsverzoek. Het heft het verbod of de voorwaarden voor doorvaren niet op. [BPR 6.26; bijlage 6 A]
Uitleg
Vermijd het gevaarsgebied. De verdere maatregelen omvatten onder meer rekening houden met wind en stroom, openingen sluiten en ontstekingsbronnen vermijden. [BPR 6.19]
Bekijk antwoord en uitleg
Je zo ver mogelijk van het gevaarsgebied verwijderd houden en zo nodig keren
Vermijd het gevaarsgebied. De verdere maatregelen omvatten onder meer rekening houden met wind en stroom, openingen sluiten en ontstekingsbronnen vermijden. [BPR 6.19]
Bevalt deze manier van leren?
Je hoeft niet alles goed te hebben. Bekijk je resultaat en de uitleg. Wil je verder? Krijg toegang tot 36 lessen, 414 oefenvragen en oefenexamens.
Wil je zo verder leren?
Ga verder met Klein Vaarbewijs 1: 36 lessen, 414 oefenvragen met uitleg en oefenexamens.
Bekijk Vaarbewijs 1 · €49 →Liever Vaarbewijs 2 of beide cursussen? Bekijk je keuzes →